Veel geleerden
denken dat het heelal zo'n 12 tot 20 miljard jaar geleden is
ontstaan met een enorme knal. De grote klap! Die wordt vaak ook
"Big
Bang" genoemd,
maar dat betekent hetzelfde.
Niet iedereen denkt er zo over, want er zijn natuurlijk meer
meningen over het ontstaan van het heelal.
Die geleerden denken dat alles ontstaan is uit een heel klein
puntje. Dat lijkt niet mogelijk, maar toch denken ze dat!
Bij die klap is waterstofgas in alle richtingen van het heelal
gevlogen. Waar het stopt? Waarschijnlijk nergens. Er komt geen
einde aan het heelal.
Uit al het
waterstofgas ontstonden sterrenstelsels. Die sterrenstelsel zien
we nu nog met heel sterke telescopen, maar ze zijn zover weg dat
het licht er heel lang over doet om bij ons te komen. De
lichtstraaltjes van die sterrenstelsels doen er wel 12 miljard
jaar over om bij ons te komen. Dat is dus pas oud licht!
Omdat het licht zo oud is, bestaan die sterrenstelsels
waarschijnlijk niet meer.
Weet je trouwens
hoe snel het licht gaat? 300.000 kilometer per seconde. Dus als
jij 'eenentwintig' zegt, dan is een lichtstraaltje al zeven en
een half keer om de wereld gegaan!
Een sterrenstelsel
ziet er vaak uit als een platte schijf met een bobbel in het
midden Zo ongeveer als een gebakken ei, maar wel veel groter. In
een sterrenstelsel gaan verschrikkelijk veel sterren: honderd
miljard!
Dat schrijf je zo: 100.000.000.000
En weet je hoeveel sterrenstelsels er in het heelal zijn? Ook
zo'n honderd miljard!
Al die sterrenstelsel gaan nog steeds verder weg van de plek waar
ze ooit allemaal vandaan gekomen zijn.
Sommige geleerden denken, dat zij ooit eens gaan stoppen met het
uit elkaar gaan en dat dan het omgekeerde gaat gebeuren: alle
sterrenstelsels vliegen weer terug naar het beginpunt.