De Maan
De maan is net zo
oud als de Aarde. Vijf miljard jaar dus. Net als de Aarde is hij
ontstaan in de grote gas- en stofwolk waaruit ook de zon en alle
planeten zijn ontstaan.
Sommige geleerden denken dat de Maan uit de Aarde is losgerukt.
De plaats waar dat gebeurd zou moeten zijn, is de Grote Oceaan.
Eigenlijk weten we het niet zeker. Het is in elk geval wel zo,
dat de Maan in de buurt van de Aarde is ontstaan. Dat blijkt
bijvoorbeeld uit bepaalde stoffen, die ook op de Aarde voorkomen.
Toen ons
zonnestelsel pas was ontstaan, zweefden er veel steentjes en
grote brokken door de ruimte. Zo'n twee miljard jaar geleden werd
dat langzamerhand minder.
Op de Maan zie je veel 'kraters'. Dat zijn plekken waar lang
geleden die grote en kleine brokken zijn ingeslagen.
Vaak zie je echter ook 'gladde' gedeelten op de Maan. Die
gebieden zijn nieuwer. Dat klinkt natuurlijk een beetje raar,
want de hele Maan is wel vijf miljard jaar oud!
Ik bedoel hiermee, dat het oppervlak van de Maan minder dan twee
miljard jaar geleden veranderd is. Dat kan gebeurd zijn door heel
grote inslagen, waarbij het gesteente op de Maan over een heel
groot gebied is gesmolten. De kraters die er al waren zijn als
het ware uitgewist.
Nog steeds komt er af en toe een stuk steen uit de ruimte op de
Maan terecht. Zo'n stuk steen maakt dan weer een nieuwe krater in
het gladde gedeelte.
In de kraters op de noordpool en de zuidpool van de maan is in maart 1998 ijs !!!! gevonden. In die kraters blijft het heel koud, omdat er nooit zonlicht komt. Doordat er dus water op de maan is, kunnen er plannen gemaakt worden om op de maan te kunnen wonen en werken.
Als je 's avonds
naar de Maan kijkt, lijkt het net, of je een gezicht kunt zien.
Dat komt door de donkere vlekken op de Maan. Die donkere vlekken
zijn gebieden waar het oppervlak erg glad is. Dat zijn dus van
die 'nieuwe' gebieden, waar zopas over vertelde.
Die gebieden noemt men ook wel 'zeeën. Zo heb je bijvoorbeeld de
'Zee der Stilte' (of Mare Tranquilitatis in de taal van de
sterrenkundige)
Die delen van de Maan zijn zwaarder dan de rest. Daarom trekt de
Aarde met haar zwaartekracht meer aan die gedeelten dan aan de
rest van de Maan.
Daardoor komt het, dat de Maan altijd dezelfde kant aan ons laat
zien!
De meeste manen in
ons zonnestelsel (want bijna elke planeet heeft manen) zijn klein
in verhouding tot de planeet waar ze bij horen. Bij onze Maan is
dat niet zo! Die is juist erg groot vergeleken bij de planeet
waar hij bijhoort (de Aarde dus).
De Maan heeft geen atmosfeer. Op de Maan is geen lucht en dus ook geen luchtdruk.De ruimtevaarders die er rondgelopen hebben moesten dan ook ruimtepakken aan hebben. Daarin zat de lucht die ze nodig hadden om in te ademen. In de ruimte kan de zon behoorlijk fel schijnen. Doordat er geen lucht en wolken zijn, wordt het meer dan 100 graden Celsius op de Maan.
De zwaartekracht. Op de maan weegt alles zes keer zo weinig als op de Aarde. Daarom is bewegen op de maan iets heel aparts. Klik maar op J Lopen op de maan
De maan heeft al een aantal keren bezoek gehad van de aarde. Eerst via onbemande ruimtevaartuigen (sondes), daarna door Amerikaanse astronauten. De eerste twee op 21 juli 1969 en de laatste twee in december 1972. Die hebben er zelfs met een autootje rondgereden. Klik maar op J Maanlandingen, om er meer van te lezen.
J Wil je meer weten over de maan, klik dan op de maan
$ Nog meer weten over de maan, klik dan op het &