Naar Mars
Al heel lang is de mens geboeid door de planeet Mars. Het is een duidelijk
rode planeet als je hem 's avonds aan de hemel ziet staan. Omdat hij zo rood is,
werd hij al door de Romeinen 'Mars' genoemd, naar de God van de oorlog. En je
weet het: in oorlogen vloeit altijd veel bloed, bloed is rood en zodoende komt
deze rode planeet dus aan zijn naam.
Maar nu is er nog iets vreemds aan de
hand. Toen de sterrenkundigen sterkere kijkers gingen gebruiken, zagen ze
vreemde dingen op Mars.
Wat is namelijk het geval? Op Mars komt af en toe
ijs voor. Het is wel een heel dun laagje, maar toch is het ijs. Koolzuurijs om
precies te zijn. Dat is hetzelfde spul dat ze gebruiken om 'rook' te maken in de
Disco.
Verder komen er in de atmosfeer van Mars hele dunne wolken voor en
bovendien zijn er af en toe stofwolken, waardoor je het oppervlak van Mars niet
meer kunt zien. Door al die verschijnselen heeft het oppervlak van Mars soms
donkere vlekken, dan weer lichte.
Met hun sterkere
kijkers zagen de sterrenkundigen af en toe ook lijntjes lopen tussen de
verschillende vlekken op Mars. Dat was eigenlijk gezichtsbedrog, maar dat wisten
ze toen nog niet.
Marsmannetjes
De Italiaanse sterrenkundige
Giovanni Schiaparelli was de eerste die lijntjes op Mars zag. Ook dat was
eigenlijk gezichtsbedrog, maar dat wist hij in het begin zelf ook niet. Hij
noemde de lijntjes 'canali'. Kanalen dus. Hij bedacht er meteen een heel verhaal
bij. De vlekken op Mars, die soms donker waren en soms weer niet, waren volgens
hem eigenlijk door Marswezens bebouwde akkers. De kanalen dienden er natuurlijk
voor, om water naar die gebieden te brengen. De eerste verhalen over
Marsmannetjes waren geboren!
Die verhalen bleven, ook toen men allang in de
gaten had, dat het allemaal gezichtsbedrog was. In 1938 was nog heel Amerika in
rep en roer door een hoorspel op de radio, 'War of the Worlds' waarin wezens van
Mars de Aarde veroverden.
Toen de ruimtevaart eenmaal in 1957 begonnen
was, maakten de geleerden al heel gauw plannen om Mars eens van dichtbij te
bekijken.
Mariner
In 1964 werd de mariner 4 gelanceerd. Dat
was de eerste in een hele serie. Alle Mariners hadden vier zonnepanelen om voor
hun elektriciteit te zorgen en verder hadden ze behalve veel instrumenten ook
camera's aan boord.
Dat waren eigenlijk televisiecamera's. De opnamen werden
op een band geregistreerd. De opname's die in enkele seconden op de band
stonden, werden daarna overgeseind naar de Aarde. Dat ging heel langzaam en
duurde ongeveer 9 uur per foto. De Mariner 4 was voor die tijd zóver van de
Aarde verwijderd, dat het overseinen langzaam moest gebeuren, want de piepjes
die door dit ruimtescheepje werden uitgezonden waren op Aarde bijna niet meer te
horen.De apparatuur om deze signalen was ook nog niet zo goed als tegenwoordig.
Uiteindelijk werden er 21 foto's gemaakt. Een hele prestatie voor die tijd!
Daarna kwamen de Mariners 6 en 7. De werden in 1969 gelanceerd. Waarom twee
tegelijk? Nou, als er één lancering zou mislukken, dan zou er toch nog een
ruimtevaartuigje naar Mars kunnen gaan. Het zou wel heel toevallig zijn als ze
allebeid kapot zouden gaan. Geen gek idee he?
De techniek was in 1969 al een
beetje verder en er konden meer en mooiere foto's gemaakt worden.
Dat idee
van twee ruimtevaartuigjes, of sondes zoals ze eigenlijk worden genoemd, kwam in
1971 goed van pas, want Mariner 8 viel letterlijk in het water. Het water van de
Oceaan om precies te zijn. Mariner 9 kwam op 14 november 1971 bij Mars aan.
Om Mars
Mariner 9 deed ook iets bijzonders. Alle vorige
Mariners waren langs Mars 'gevlogen'. Ze scheerden er langs, maakten snel foto's
en verdwenen dan verder in de ruimte.
Mariner 9 werd in een baan om Mars
gebracht en kon zo in bijna een jaar tijd meer dan 7000 foto's nemen van het
oppervlak van de planeet Mars. Met al die foto's kon een goede kaart van Mars
worden gemaakt.
Waarom stopt zo'n sonde nu met zijn werk? Dat is toch zonde?
Wel, je moet weten, dat een sonde zoals de Mariner 9 steeds naar Mars gericht
moest worden. Ze draaien om een bolvormige planeet en daarom moeten de camera's,
en dus de hele sonde, steeds verdraaid worden. Dat draaien gaat met gas, dat
door kleine straalpijpjes stroomt. Dat gas nu is na verloop van tijd op en dan
kan de sonde niet meer gericht worden.
De geleerden hadden nu goede kaarten
van het oppervlak van Mars, maar nog steeds wisten ze niet of er nu wel leven
was op Mars of niet.
Viking
In 1975 werden twee bijzondere
vluchten naar Mars gemaakt. Op een grote Titan raket werden de Viking 1 en de
Viking 2 gelanceerd. Elke Viking bestond uit een sonde zoals de Mariner, maar
onderaan elke sonde zat een grote capsule met een Marslander. Zon' Marslander
was ongeveer zo groot als een klein autootje.
Het Mariner gedeelte zou
rondjes cirkelen om Mars. In het Engels heet dat een 'orbiter'. De landers
zouden afdalen naar het oppervlak van Mars. Na aankomst van de beide Vikings
zouden de orbiters een maand lang foto's maken om een goede landingsplek te
kunnen uitzoeken. Die foto's werden op Aarde heel goed bestudeerd. Uiteindelijk
haden de geleerden een paar tamelijk vlakke gebieden uitgezocht. Toch bleken die
gebieden nog vol grote rotsblokken te liggen.
Mars heeft een atmosfeer. De
luchtdruk is wel 1000 keer lager dan op Aarde, maar het is toch een atmosfeer.
De capsules met de landers werden eerst door veren van de orbiters gestoten, en
daarna doken ze de dunne atmosfeer van Mars binnen. De capsules werden daardoor
wel 1500 graden heet. Dat is nog heter dan het in de pottebakkersoven op school
is! De atmosfeer remde de capsules echter behoorlijk af en dat was nu juist de
bedoeling. Op het laatst waren ze zover afgeremd, dat het hitteschild van de
capsule afgeworpen kon worden. Daarna kwam er een parachute tevoorschijn en die
remde de landers op het laatste stuk af. Op het allerlaatst werden ook de
parachutes afgeworpen, want het laatste stukje van de landing werd afgeremd door
raketmotortjes aan boord van de landers. Want de landers moesten foto's maken,
en dat gaat nu eenmaal niet erg goed als er een parachute over de camera's heen
ligt.
Die camera's hebben heel veel foto's gemaakt. Wist je trouwens dat het
wel 20 minuten duurt voordat een foto die op Mars is uitgezonden, op Aarde
terecht komt?
De foto's van de Marslanders werden per twee tegelijk gemaakt
door camera's die een meter uit elkaar stonden. De foto's die je dan krijgt,
zijn stereofoto's. Misschien ken je de plaatjes van de Viewmaster wel. Dat zijn
van die kijkertjes die je diepte laten zien.
Met behulp van die
stereofoto's konden de geleerden heel nauwkeurig een graafarmpje aan boord van
de Vikings laten werken. Ze groeven op afstand beetjes Mars grond op. Die
beetjes grond werden in een trechtertje aan boord van de Vikings leeggeschud.
Daarna werden er aan boord proeven mee gedaan.
Wat heeft men
ontdekt?
De bedoeling was, om te kijken of er leven op Mars is. En dan
bedoelen we: leven zoals bijvoorbeeld bacteriën.Sommige proeven deden geloven of
er wel leven was, maar uit weer andere proeven bleek dat het niet zo was.
Nu
was het ook een droog en kaal gebied waar de beide Vikings op geland zijn. Als
je iets op Aarde laat landen en het apparaat komt in de woestijn terecht, zou je
ook niet veel leven vinden!
Toch zijn we wel andere zaken van Mars te weten
gekomen. Er is wind. Soms zoveel, dat er grote stofwolken ontstaan, die het
oppervlak van Mars een beetje verduisteren. Ook ligt er af en toe een heel klein
laagje ijs op de stenen die overal op Mars verspreid liggen. Zoiets als bij ons
in de winter na een mistige nacht. De atmosfeer van Mars is stoffig. De lucht
ziet altijd een beetje roodachtig. Het landschap verandert af en toe. Dat komt
door de wind op Mars, die toch nog wel zoveel kracht heeft dat bijvoorbeeld zand
erplaatst kan worden.
Je zou denken dat al het onderzoek aan Mars een
Amerikaanse bezigheid is geweest. Dat is niet zo. De Russen hebben ook een
aantal sondes naar Mars gestuurd, maar hadden nooit zoveel succes. Een aantal
jaren geleden hadden de Russen twee sondes naar een van de Marsmanen, Phobos,
gestuurd. Die moesten vlak boven de maantjes gaan zweven om zo proeven te doen.
Helaas is dat mislukt, want beide sondes raakten onbestuurbaar.
(c) 1996 met dank aan Hans Walrecht