Mini-zonnestelsel

Planeten maken:

Het is misschien wel een aardig idee om met je collega-internetters of klasgenoten 'planeten' te maken. Dat kan bijvoorbeeld met papier-maché. Neem elk een ballon en verscheur vier à vijf dubbele pagina's van een krant tot snippers, zo groot als je hand. Met behanglijm en je handen smeer je de ballon in met lijm. Elk geplakt stukje smeer je ook weer in. Het moet er grijs uitzien, anders is het te droog. Per 20 kinderen heb je een emmer (= een pakje) lijm nodig.
Laat de bollen een week drogen en dan kun je je planeet beschilder. Van (golf)karton kun je ringen maken.

Hang ze, als ze klaar zijn aan dunne draadjes voor een donkere achtergrond. Misschien is het nog wel leuk om met een paar spotjes een 'zon' na te bootsen. Het geeft in elk geval in zoverre een 'echt' effect, dat op de planeten een dag- en een nachtzijde te zien is.


Maak een planetarium

Om een goed overzicht te krijgen van de afstanden in het zonnestelsel, is het leuk om er een model van te maken. Zo'n model heet een planetarium: een planeten model. Hieronder wordt verteld, hoe je dit model kunt maken. Het moeilijkst is alle afmetingen en afstanden op dezelfde manier verkleinen (op schaal maken) Met je meester of juf moet je dan eerst de ruimte bepalen, waar het planetarium moet komen, dan reken je de afstanden en afmetingen uit.
Hieronder zie je een voorbeeld..

Achtereenvolgens staan hieronder de naam van het object, de werkelijke afstand tot de zon in miljoenen kilometers, de afstand op schaal in meters, de werkelijke diameter in kilometers en de diameter op schaal in millimeters:

object afstand op schaal diameter op schaal
Zon --- --- 1.392.000 14,00
Mercurius 57,5 0,57 4.880 0,05
Venus 108,2 1,08 12.104 0,12
Aarde 149,6 1,5 12.756 0,13
Maan --- --- 3.476 0,03
Mars 227,8 2,28 6.787 0,07
Jupiter 778,3 7,78 142.800 1,43
Saturnus 1.427,0 14,3 120.000 1,20
Uranus 2.869 20,7 51.800 0,52
Neptunus 4.496 45 48.600 0,47
Pluto 5.900 59 2.300 0,02


Onze Maan staat gemiddeld op 384.000 km van de Aarde: op schaal 3,8 mm!
Pluto heeft een langgerekte baan, die hem soms dicht bij de zon brengt en soms ver weg. De gegeven afstand is de gemiddelde afstand.


Hoe maak je dit eigen planetarium?

Dat is heel gemakkelijk. Je ziet dat je planeten wel erg klein worden: hoe maak je een Pluto van 0,02 mm? of beter: hoe kun je hem dan nog zien. Maak je daar maar niet te druk over, ook al worden de planeetjes eigenlijk te groot, het model zal straks, als het klaar is tóch heel mooi laten zien hoe leeg het heelal is, en daar gaat het toch om.
Je hebt niet zoveel nodig om het model te maken. De zon is op schaal 14 mm, een forse knikker dus. Schilder hem geel en je hebt je eigen zonnetje in huis! Plak de geschilderde knikker op een blokje 'piepschuim' .
Voor de kleinste planeetjes en onze Maan neem je stukjes dun ijzerdraad van ongeveer 4 cm lengte. Steek die draadjes in blokjes piepschuim en schilder de uitstekende delen van het ijzerdraad zwart. Als je de puntjes van de ijzerdraadjes heel voorzichtig in verf doopt, dan krijg je kleine bolletjes. Probeer die bolletjes, door steeds opnieuw te dopen, zó groot te maken dat ze een beetje in verhouding tot elkaar zijn: Pluto moet natuurlijk niet groter worden dan Mars, ook al is Pluto zelfs misschien groter dan 0,02 mm.
Probeer ze ook de juiste kleur te geven: de Aarde blauw, Venus en Pluto wit, Mercurius en de Maan een beetje grijsbruin, Mars rood.
Voor Uranus en Neptunus kun je ook verfbolletjes gebruiken, die je goudgeel schildert en in blokjs piepschuim steekt. Bedenk voor de fraaie ringen van Saturnus zèlf een oplossing.

Je eigen planetarium spelen

Nu je planetarium klaar is, moet je wel de ruimte hebben om het uit te zetten: je hebt een lengte van 60 meter nodig.
Op het schoolplein of een grasveld in de buurt van je school is dat misschien wel te doen. Je kunt er een leuk spelletje van maken, door je vriendjes en vriendinnetjes voor planeten te laten spelen: het 'zonnetje" van de klas speelt voor son, de sterkste van de klas is Jupiter, de snelste is Mercurius, de flinkste speelt voor Mars (genoemd naar de Romeinse god van de Oorlog). en het mooste meisje van de klas is... inderdaad: Venus. Wie de kleine ijskoude Pluto speelt moet je zelf maar zien...
Als iedereen zo op zijn 'juiste plaats in het zonnestelsel' staat, dan kun je allerlei ontdekkingen doen. Je kunt je vriendjes en viendinnetjes 'om de zon' laten bewegen: laat ze in circels om het zonnetje bewegen, tegen de wijzers van de klok in. zo zie je duidelijk waarom Mercurius veel sneller om de zon draait dan Pluto!

Als je het model van Pluto klaar hebt gezet, kom je misschien onder de indruk van de leegte van ons zonnestelsel, maar misschien nog meer van de leegte in het heelal. Als je op 59 meter van de 'zon' staat, dus bij jouw mini-planeet Pluto, dan staat de dichtstbijzijnde ster op een afstand van 400 kilometer!
Daartussen zit echt niets.